Heiligabend

Sinds enige tijd verblijf ik onder de Germanen. Gelukkig ben ik getraind in interculturele communicatie. Geen overbodige luxe, want een bezoek aan de Inuit of de Pygmeeën is een feest van herkenning, vergeleken met een langdurig verblijf alhier. In het binnenland van Suriname is het internet bijvoorbeeld beter, dan in de agglomeratie, waar ik nu woon. En uit een discussie met een ambtenaar kom je hier nooit zonder kleerscheuren tevoorschijn. Na een bezoek aan een postkantoor, stond me eens het huilen nader dan het lachen. ‘Wij hebben tenminste nog postkantoren, jullie niet!’ zei een Duitse vriend, bij wie ik mijn beklag deed. ‘Wij hadden in de twintigste eeuw wel meer instellingen niet, die jullie wel hadden’ – dacht ik. Ik zei het maar niet. Het is alweer wat gezakt trouwens.

Corona heeft hier ook heel andere implicaties. In de zomer begon menigeen al een lichte paniek te ontwikkelen, toen bleek dat de start van het carnavalsseizoen wel eens in het water zou kunnen vallen. Dat is inderdaad een ‘Zumutung’, vooral in het Rijnland. Je kunt beter op de Veluwe een ouderling zijn Statenbijbel afpakken. Nee. Als het over carnaval gaat, hebben vooral de Rijnlanders niet echt veel gevoel voor humor.

Het bleek nog erger te kunnen. Want van de Noordzee tot de Alpen, van de Rijn tot aan de oostgrens hebben Duitsers één ding wat hun bijzonder heilig is. Het heet ook zo: ‘Heiligabend’. (Die duurt overigens de hele dag.) Er worden cadeaus gegeven, men gaat naar de kerk, versiert het huis, eet goed en leeft in pais en vree. Weken van tevoren komt men in de stemming: mensen krijgen een marsepeinen hart en nemen de wereld waar door een vakwerkhuisjesraster. Deze sprookjeswereld ligt dit jaar aan duigen. Het is het ergste wat een Duitser kan overkomen: een jaar zonder ‘Heiligabend’! (Dat men op 25 december doorgaans een familieruzie en een kater rijker is, vergeet men gemakshalve. ‘Heiligabend’ is een in mierzoete chocolade verpakte teleurstelling.)

Toch was en is de advent ook dit jaar een mooie tijd, ook voor mij als immigrant. En er zijn onverwachte lichtpuntjes. Zo werd op 7 december de knieval van Willy Brandt in Warschau herdacht. Kippenvel. Duitsland is toch meer dan een grote houten-speelgoedwinkel voor grote mensen. Het is ook een land, dat tot nu toe op een zeer volwassen manier omging met zijn eigen geschiedenis. Tot nu toe, want als ‘dwarsdenkers’ vermomde neofascisten peuteren inmiddels weer aan de grondslagen van deze fantastische rechtsstaat.

Maar goed. Dat is niet typisch Duits.

Geef een reactie