Europa: mijmeringen aan de voet van een Beethovenstandbeeld

Als je een etnische Europeaan bent, doe je er heden ten dage verstandig aan om niet al te uitbundig uiting te geven aan je grensvervagende levensgevoel. Zelf kun je het weliswaar als bevrijdend ervaren om de muffe, vervilte en verstikkende mantel van de nationale identiteit van je af te werpen: de meerderheid van je tijdgenoten zal zich hierover eerder verbazen. Maatschappelijke thigmotaxis *) geeft immers de toon aan en de meesten onder ons kruipen liever weg in het van onze eigen geur doordrenkte en veilige nest.

Nee, wie nog durft uit te spreken dat een Europese identiteit en cultuur ooit de normaalste zaak van de wereld was, totdat anderhalve eeuw geleden onverantwoordelijke romantici en politieke knutselaars de mythe van de natie en het volk in het leven riepen: zo iemand doet er goed aan om voortaan met opgestoken kraag door het leven te gaan.

Op steun van de politici hoeft hij in elk geval niet te rekenen. Deze trachten elkaar slechts te overtreffen in zelfbeschuldigingen over hun aandeel in het mislukte, ja: van meet af aan tot mislukken gedoemde project van de Europese Unie. Europa is een noodzakelijk kwaad en de aanstaande verkiezingen voor het Europese parlement zijn hooguit verdedigbaar als een referendum tegen verdere Europaïsering of als een poging om het door onszelf in het leven geroepen veelkoppige monster te temmen en te beknotten.

Of dat laatste lukt, is maar de vraag. Als we er echter niet in slagen het monster terug te drijven in de reageerbuisjes van het verfoeide internationale experiment, kruipen we zelf maar terug in onze peperkoeken huisjes. We trekken de dekens over ons hoofd en we wiegen onszelf in slaap met de gedachte dat datgene wat we niet zien er ook niet is – ook de beweeglijke en veelkleurige wereld om ons heen niet. Zuurstofgebrek en de schade die daarvan het gevolg is, nemen we op de koop toe.

Slechts af en toe turen we door het kleine spleetje dat we de televisie noemen naar de Europese en internationale werkelijkheid – bij het songfestival bijvoorbeeld, bij een voetbalcompetitie of bij gelegenheid van een ander hoogtepunt van onze culturele canon. Verder boezemt het E-woord ons echter even veel angst en walging in, als de e-nummers van de voedingsadditieven die, zoals u weet, ons eveneens door schimmige samenzweerders door de strot worden geduwd.

***

standbeeld beethoven

De Europa-ontkenners en de internationaliteit-revisionisten ten spijt, trok ik de afgelopen week weer met vele anderen voor mijn werk de grens over. Ik toog naar Bonn, de stad die als een chique oude dame koketteert met de verblekende herinnering aan haar dagen als hoofdstad – een rol die zij overigens destijds al met de nodige bedeesdheid vervulde. Het Rijnlandse, melancholieke relativeringsvermogen en de daarbij horende zelfspot van de bewoners verzoeten de bittere pil van het uitgerangeerde bestaan van de stad. (Overigens past het woord ‘tijgen’, dat ik hierboven bezigde, volmaakt bij deze stad als eindbestemming, al is het maar door het feit dat het woord sterk is verouderd en alleen nog maar in de verleden tijd wordt gebruikt.)

Inmiddels vind ik de weg in het stadje als het ware op de tast. Vrijwel altijd passeer ik, op weg naar de plaats waar ik mijn missie moet volbrengen, het geboortehuis van Ludwig van Beethoven. Op nauwelijks met het blote oog waarneembare wijze vertraag ik dan mijn tred. Soms sta ik zelfs even stil, draai ik een kwartslag en maak ik een slechts subliminaal op te merken buiging voor de toonkunstenaar die de vrijwillige nationalistische zelfbeknotting van de romantiek nog niet kende. (Hij was overigens evenmin een ideologische kosmopoliet avant-la-lettre, zoals sommigen zouden willen. Ook dit fenomeen is een vrucht van de bekrompen romantiek, namelijk voor zover het er een reactie op is.)

Of deze visie op Van Beethoven ook wordt overgebracht door de gidsen, die de met beleefde verveling en een half oor luisterende, ongeduldig schuifelende schoolkinderen en senioren toespreken bij het standbeeld van de componist op de Münsterplatz, weet ik niet (zie afbeelding).

(Overigens verbaast het mij dat een standbeeld als attractie wordt gezien. Het is voor mij niet inzichtelijk wat de meerwaarde is van een standbeeld, vergeleken met bijvoorbeeld een geboortehuis of een graf. Dat laatste is een soort reliek en spreekt als zodanig de verbeelding aan**). Een geboorteplek, een graf of desnoods een andere plek waar de held is geweest: ze wekken nog de illusie van een indirecte aanraking. Daarbij wordt uiteraard een sterk beroep gedaan doet op onze bereidheid om het quasi-magische spel mee te spelen en om ons te laten meevoeren door de illusie – want een illusie blijft het. Een standbeeld daarentegen is niet meer dan een abstracte verwijzing, niet meer dan een schouderophalende mededeling dat de held ooit heeft bestaan en dat we van hem houden. Het kan overal staan en is van even weinig betekenis als een T-Shirt met de uitwisselbare tekst ‘I Love Bonn’.)

Terug naar Van Beethoven zelf. Door pathetisch gestemden wordt hij wel eens een ‘hemelbestormer’ genoemd . Dit is niet eens een slechte kwalificatie, als we haar serieus opvatten. Het is gewoon een volmaakt synoniem voor het woord ‘mens’. De mens gaat van nature geen zee te hoog. Hij bestormt de poorten van het godenverblijf en legt de bewoners ervan het vuur aan de schenen. En voor wie op deze manier de hemel bestormt, is elke grens in het ondermaanse een lachertje.

 

*) Ik moest het zelf ook even opzoeken. Thigmotaxis is de neiging van mensen en andere diersoorten met een exoskelet (waarbij dit bij de mens uiteraard in overdrachtelijke zin is bedoeld) om onder een steen te kruipen, vooral als het licht wordt.

**)  Al is het monumentale graf van de familie Schumann, dat men in Bonn kan vinden, weer van een ongeloofwaardige kitscherigheid die geen recht doet aan de meest existentialistische componist van de Duitse romantiek, maar dit terzijde.

Voor de liefhebbers: het graf van het echtpaar Schumann op de oude begraafplaats in het hart van Bonn.

Voor de liefhebbers: het graf van het echtpaar Schumann op de oude begraafplaats in het hart van Bonn.

2 thoughts on “Europa: mijmeringen aan de voet van een Beethovenstandbeeld



Geef een reactie