Bavianen en de gave des onderscheids

“Het kan allemaal wat vrolijker.” Aldus de kort-maar-krachtige recensie, die ik dezer dagen mondeling in ontvangst mocht nemen van een bezoeker van mijn weblog. Oei. Ik schijn er dus op los te somberen hier. Ergens herken ik dat wel, eerlijk gezegd. Hoewel ik wars ben van elk ressentiment en dualisme (‘wij’ de goeien versus ‘de anderen’, de kwaaien), bekruipt me regelmatig toch een vlaag van pessimisme over waar het allemaal heen gaat in cultuur, maatschappij en politiek. Ik wil maar niet begrijpen waarom de meeste mensen (mijzelf incluis) na een dag hard werken niet zo snel mogelijk hun avondmaal achter de kiezen werken, om vervolgens te gaan zitten lezen in Goethe en te luisteren naar een strijkkwartet van Beethoven. (Het moet trouwens Von Goethe zijn en Van Beethoven, dat weet ik ook wel, maar anders wordt deze bijdrage zo lang.)

Het kan opgewekter. Maar ja, waar haalde ik zo snel een dosis vrolijkheid vandaan?

Ik werd warempel op mijn wenken bediend. (Verdraaid, dat is nog eens een mooi ouderwetsch woord, dat ‘warempel’, maar dit terzijde.) Het vrolijk stemmende nieuws werd mij op een presenteerblaadje aangeboden. De integere stem van de mevrouw van het radiojournaal deed het ons allen kond. Houd u vast: Bavianen kunnen lezen. Jawel: U leest het goed. (Een teken dus dat u zelf op zijn minst het IQ van een baviaan hebt – zo niet meer; niet dat ik daaraan twijfelde, maar u begrijpt me wel.) Bavianen schijnen, aldus de mevrouw op de radio, zinvolle woorden te kunnen onderscheiden van zinloze kreten. Deze blijde tijding werd vele twitteraars even te machtig en vormde meteen de aanleiding tot tal van schoten voor open doel: ‘Ja, de bavianen wel, nu de mensen nog’ etc. Ik deed zelf gretig mee trouwens.

Het werd nog mooier. De gijzelnemer van onze regering, Geert W. te V. gebruikte in een tweet het moeilijke woord ‘prematuur’. (Ook al een bron voor hilariteit trouwens, zelfs bij onze premier.) Geert schat zijn achterban blijkbaar hoog in: “Naast viaduct kan prematuur er nog wel bij!” – moet hij hebben gedacht en ook: “Wat een baviaan kan, kan de Gemiddelde Nederlander ook.” Ik vat het op als een hoopgevend signaal, dat de Volksaanvoeler Geert een dergelijke observatie doet. Het culturele peil van ons land stijgt blijkbaar zienderogen.

Zo eindigde de week in majeur. Ik vergat daardoor even dat de linkerhelft van de parlementaire rancunetweeling SP-PVV deze week nogal wat gezichtsverlies leed. Eerst legde de Sinterklaas Partij de zwarte piet voor de staatschuld neer bij de voormalige minister van financiën, die ons land enkele jaren geleden van de ondergang redde. Dat deed de SP met name bij monde van haar ideale schoonzoon Irrgang (what’s in a name). En later in de week ontvouwde een raadslid van de Schonehanden Partij concreet uitgewerkte moordplannen, gericht tegen enkele BN-ers. Enfin, het goede nieuws was dat de partijleiding ondubbelzinnig afstand nam van deze aan de partijdiscipline ontsnapte huis-TBS-er. (En de partijdiscipline kennende zal het niet goed met de arme man aflopen…)

Vooral goed nieuws dus, zoals het hoort in de week na Pasen. En nu een borrel. Ik ga nu heus geen Goethe meer lezen. En ook geen Beethoven meer luisteren. Maar misschien nog wel een stukje van de CD ‘Bavianen en slijkgeuzen’ van Camerata Trajectina. Deze CD behelst een opname van strijdliederen uit de tijd dat de ‘rekkelijken’ en ‘preciezen’ elkaar naar het leven stonden in ons land. Bavianen was de bijnaam die de rechtzinnigen gaven aan de Arminianen of remonstranten. Knap hoor. Een kostelijke woordspeling. Zo subtiel zijn orthodoxen immers in hun humor.

Onthoud mijn woorden: het woord ‘baviaan’ wordt nog eens de geuzennaam voor iedereen die de gave des onderscheids bezit, alsmede smaak en oordeelsvermogen, zoals de vrijzinnigen in religie en samenleving. (Laat de rechtzinnigen en rechtlijnigen het woord ‘onderscheiden’  maar blijven operationaliseren als ‘discimineren’. Zijn zij op hun beurt weer goed in.)

Geef een reactie