Monthly Archives: september 2017

Begrijpen is niet alleen gebaat bij opvallende overeenkomsten met de geschiedenis – Boekbespreking

Eén van de motto’s van de campagne #ikbenverbonden is, dat we elkaar willen proberen te begrijpen. Ook mensen met wie we het volstrekt niet eens zijn – of wiens denkbeelden of gedragingen we zelfs verwerpelijk vinden – willen we verstaan en doorgronden. Soms leidt dat tot begrip. Soms kunnen we dat begrip alsnog niet opbrengen – zoals bij fundamentalisten, neonazi’s en terroristen – maar kunnen we wel een manier van denken en doen verklaren. En als je dat kunt, iemands gedachten en handelingen verklaren, kun je ook in gesprek gaan, oorzaken van wangedrag trachten weg te nemen en desnoods proberen iemand ervan te overtuigen om van gedachten te veranderen.

Het is een benadering tussen twee uitersten. Als je vanuit begrijpen komt tot begrip, ben je volgens sommige hardliners te soft en te meegaand. En als je komt tot verklaren en overtuigen tot verandering, ben je volgens weer anderen een arrogante betweter. Toch lijkt de weg van het begrijpen de meest vruchtbare.

Soms helpt een boek. Daarom begon ik gretig aan Pankaj Mishra’s Tijd van Woede, waarin de auteur historisch en wijsgerig op zoek gaat naar de wortels van polariserende en destructieve opstellingen van nu. Op een onthullende laat hij zien, hoe diep de haat en geweld geworteld zijn die wij nu zien bij extremisten ter linker- en rechterzijde, bij terroristen, bij populisten etc. De opstand en de rancune van de verliezers tegen de winnaars van de moderniteit – want zo kan veel worden geduid, aldus Mishra – gaat al terug tot het begin van die moderniteit, tot de Verlichting. Was Voltaire het boegbeeld van de zelfverzekerdheid van de Verlichting: zijn tijdgenoot Rousseau gaf al vroeg een stem aan de achterblijvers.

Dit gegeven wordt een rode draad door de geschiedenis van de afgelopen eeuwen. Mishra betrekt er met verbluffende belezenheid heel veel bij: de opstanden in het midden en oosten van Europa, de sociale en nationale revoluties, politieke en religieuze messianistische bewegingen, de grote Russische romanciers uit de 19e eeuw, Mazzini, Bakoenin, de eenzame wolven van weleer etc.  Steeds weer weet hij historische parallellen aan te wijzen met de hedendaagse ‘woede’ en nihilistische haat.  Dit levert soms frappante ontdekkingen op. Tegelijk wordt de oplettende lezer ook wat voorzichtig. Mischra leest de geschiedenis natuurlijk ook sterk vanuit de hedendaagse bril en dat zou wel eens tot een selectieve lezing hebben kunnen leiden. Maar de indruk dat er ‘niets nieuws onder de zon’ is, is overtuigend. En tevens beklemmend. Want het roept ook de vraag op, of we er ooit uitkomen.

Een andere reden tot voorzichtigheid is, dat Mishra zich bedient van een wat eenvoudig en versleten geraakt wijsgerig verklaringsmodel, dat hij ontleent aan René Girard (1923-2015), de denker die vanaf de jaren zeventig furore maakte met zijn analyse van het zondebokmechanisme: veel rancune gaat terug op ‘mimetische begeerte’, het ‘willen wat de ander ook wil’.  Verliezers willen lijken op de winnaars. Ze willen niet alleen hebben wat de ander heeft, maar nemen ook kritiekloos diens verlangens over.  Dit model, in combinatie met de klassieke ressentimenttheorieën van Nietzsche en anderen, heeft een grote verklaringskracht. Tegelijk is het wat onbevredigend om het bij deze grote penseelstreken te laten. Mijns inziens komt er ook de nodige nuchter en minutieus empirisch onderzoek bij kijken, om nu precies te weten wat er gebeurt in banlieues in Parijs en in de hoofden van de FN-kiezers. Met een ‘theorie over alles’ komen we er niet – en blijven we radeloos achter. Wie wil begrijpen, wil ook iets kunnen doen.

Mishra, Pankaj: Tijd van woede – een geschiedenis van het heden (vertaling van: Age of Anger). Atlas Contact 2017.

***

Het Bovenstaande verscheen eerder op de website van #ikbenverbonden.

Houden van het leven zoals het is

Het menselijk bestaan is een sprong in het ongewisse. Het leven is een gang over het slappe koord zonder vangnet en met de overkant gehuld in nevels. De wereld en wijzelf zijn ons één groot vraagteken. Geen wonder dat we hunkeren naar houvast. Eén vorm van houvast is het gevoel ergens bij te horen. Daaraan kun je een gevoel van zekerheid ontlenen. Je hebt dan een duidelijke identiteit en vragen op alle antwoorden.

Zelf herken ik in elk geval wel deze behoefte. Niets is zo aanlokkelijk en verleidelijk als het lidmaatschap van een organisatie met een sterk profiel; het abonnement op een elitair tijdschrift; het deel uitmaken van een glansrijke geschiedenis; een bepaald ritueel waarmee je de dag of de week markeert. Ook het horen bij een religieuze groep is een vorm van houvast .

Dat laatste nu heeft iets tegenstrijdigs. Als gelovige – en met name als vrijzinnig gelovige – ben ik ervan overtuigd dat geloven juist geen houvast betekent, doch een avontuur behelst met de ongrijpbaarheid en meerduidigheid van het Geheim. Het betekent overgave en loslaten, vallen en zweven, eeuwig blijven vragen en zoeken. Gelovig bestaan komt erop neer, dat je voortdurend wordt verrast en op het verkeerde been wordt gezet, omdat God steeds weer anders is. Geloof is een onzeker bezit. Zodra we het als houvast zien, moeten we ons afvragen of we nog wel bezig zijn met wat geloven ten diepste is. Hebben we het dan niet gereduceerd tot iets voorspelbaars en ééndimensionaals? Teruggebracht tot een leer of een dogma?

Daarom is voor mij de vrijzinnigheid van belang: deze laat het geheim open, tenminste als het echte vrijzinnigheid is. Ook een vrijzinnige gemeenschap kan echter worden tot een verraderlijk houvast: bijvoorbeeld als we het ‘vragende en zoekende ‘ bestaan gaan etaleren als een soort heldhaftigheid of dapperheid: ‘Kijk ons eens durven twijfelen!’ Dan wordt het een vorm van snobisme. Je ‘hoort’ bij een deftige club.  Het ‘horen’ bij een vrijzinnige familie, zoals de remonstranten, is echter kiezen voor ontworteling en ontheemdheid – en daarbij durven uitkomen voor de angst die je daarbij soms om het hart slaat. Het betekent misschien zelfs: ervoor open staan dat God soms onverhoeds wél antwoord geeft als wij stug en trots doorgaan met vragen en twijfelen. Dat hij soms onverwacht, overweldigend en onmiskenbaar nabij is: in oude letters op verkruimelend papier; in een stukje brood; in een kind op de armen van zijn moeder; in een catharsis of een orgasme…

Je overgeven aan het bestaan als vraag, het avontuur durven aangaan met een grillige God: juist daarin kunnen we, paradoxaal uitgedrukt, ons houvast vinden. Zelf probeer ik zo in het leven te staan: me vastklampen aan strohalmen, bij gebrek aan beter, en me laten verrassen. Of het altijd lukt is een andere vraag. Maar het gaat in het leven ook niet om ‘lukken’ en ‘ergens in slagen’ en ‘doelen bereiken’. Het gaat erom dat we van het ons vaak ontglippende leven kunnen blijven houden zoals het is. Mensen, die gewichtig en klinisch willen doen, noemen dat zingeving.

***

De bovenstaande column verscheen eerder op de website van de Remonstranten. De afbeelding is een detail van De Koorddanseres van August Macke, te vinden in het Kunstmuseum Bonn.