Monthly Archives: februari 2016

Leve de PvdA!

Over het ingewikkelde leven van een PvdA-lid en de hoop op het doorbraak-DNA

De partij waarvan ik lid ben is jarig en wordt zeventig jaar. Nu ben ik een slapend lid van de PvdA. Dat zal vooral komen doordat ik in een milieu ben opgegroeid, waarin mij de allergie voor deze politieke stroming met de paplepel werd ingegeven, zodat er altijd een ambivalent gevoel jegens haar zal blijven bestaan – een milieu bovendien waarin aan lidmaatschappen niet snel een activistische invulling werd gegeven.

Een katholieke opvoeding
Wat dat laatste betreft: het vakbondswerk van mijn vader bleef ertoe beperkt, dat hij jaarlijks naar een voor zijn medegezinsleden in nevelen gehulde bijeenkomst toog van de UNIE BLHP – of van de voorganger van deze non-descripte belangenorganisatie. Het was de enige dag in het jaar dat mijn vader zonder zijn echtgenote buitenshuis overnachtte. Vóór zijn vertrek trok mijn moeder dan ook met extra veel aandacht de knoop in zijn stropdas recht en drukte zij hem met dichtgeknepen keel op het hart, zich vooral niet te laten ‘strikken’ voor een kaderfunctie. (De vraag of sublimering van een andere vrees in het spel was, stelde ik me overigens pas veel later, vooral als het beeld van de door moeder de vrouw onbewust-demonstratief vastgehouden stropdas voor mijn geestesoog verscheen en bij mij freudiaanse associaties opriep.) Daarna zagen wij kinderen mijn vader aan de einder verdwijnen, de wijde wereld in. (Die lag in dit geval overigens in het bosrijke conferentie-oord Woudschoten, geen plaats waar grote gevaren voor geloof en zeden of anderszins voor de stabiliteit van het gezinsleven op de loer lagen, zoals ik later ondervond.)

Ook voor het overige gaven mijn ouders niet een zeer militante invulling aan hun lidmaatschap van het middenveld, i.c. de katholieke zuil. Die laatste hielden ze overeind door de KRO-Gids te ontvangen en bij verkiezingen op de KVP, resp. het CDA te stemmen. Dat mijn broer en ik naar een katholieke basisschool gingen, kan nauwelijks het gevolg van een bewuste keuze worden genoemd. Wij gingen als katholieke dubbeltjes gewoon naar de dichtstbijzijnde onderwijsinstelling voor katholieke dubbeltjes, uiteraard geplaatst onder het patronage van Sint Jozef, de heilige van de gewone man – om later overigens dankzij het voortreffelijke, door Franciscanen geleide Bernardinuscollege alsnog op te klimmen tot kwartjes (en helaas niet tot PvdA-kopstuk, zoals anderen).

Een geheime voedingsbodem
Terug naar de PvdA… nu toch de woorden ‘gewone man’ zijn gevallen. Helemaal afwezig was de partij niet in ons milieu. Gaandeweg ben ik erachter gekomen dat er onterfde, verstoten of in elk geval angstvallig uit de buurt gehouden achterneven van mijn vader bestonden, die zich voor de partij verdienstelijk maakten in Maastricht, de geboortegrond van de Nederlandse sociaaldemocratie. Bovendien waren mijn ouders ballingen, als Maastrichtenaren ontheemd hun dagen slijtend in de oostelijke mijnstreek. Daardoor waren ze blij met ieder contact met medeballingen en leefden ze op vriendschappelijke voet met de buren, die uit een verstokt Winterswijks SDAP-milieu stamden en dit niet onder stoelen of banken staken. Op de plek waar bij ons een crucifix hing, hing bij hen een koperen bas-reliëf dat Willem Drees voorstelde.

Al met al was en is mijn innerlijk niet gespeend van een dunne voedingsbodem waarop ik rond 1995 het prille plantje van het PvdA-lidmaatschap plaatste – nadat ik het in mijn studententijd balorige aangegane Groen-Links-lidmaatschap had opgegeven. Hartelijk en warm is mijn band met de PvdA, zoals gezegd, echter nooit geworden. Dat lag en ligt aan mij, maar misschien ook aan mijn aangeboren afkeer van gaar gekookte spruitjes en – je moet de schuld soms ook bij de ander kunnen leggen – van het ostracisme waaraan de partij zich steeds weer leek te bezondigen, vooral op landelijk niveau, en dat haar het verwijt van regentesk of bestuurlijk-elitair optreden opleverde.

En toch: vertrouwen in de doorbraakgedachte
Dat ik lid ben gebleven is echter meer dan bij gebrek aan beter. Ik was, ben en blijf ervan overtuigd dat de PvdA in haar kern de enige partij is met een weerbestendig, op het midden koersend denkkader – dat in de praktijk helaas steeds wordt verdrongen door extreme ideologische uitschieters naar links of door cynisch-pragmatische uitschieters naar rechts. Ik vertrouw echter nog steeds in die sociaal-liberale kern, een kern overigens die zich open en inclusief verhoudt ten opzichte van diverse levensbeschouwelijke, ook religieuze stromingen. Kortom: de doorbraakgedachte blijft voor mij klassiek en duurzaam. Los van het amateurisme waarmee de partij zich telkens weer stort in een avontuur met een mediagenieke partijleider die in de hitte van de strijd door de mand valt; los van de barre peilingen; los van de onhandigheid waarmee ze reageert op het gejen door de PVV – los van dat alles geloof ik dat het moet lukken om die doorbraakgedachte weer te verzilveren. Dan moet de PvdA echter consequent haar doorbraak-DNA in praktijk brengen en daarin stug volhouden.

Dat wil vandaag de dag onder andere zeggen: zich niet laten verleiden om uit electorale paniek populistisch-links af te slaan of juist neoliberaal pragmatistisch te verharden. Dat wil ook zeggen: niet de categorieën uit het verleden toepassen op de maatschappelijke problemen en politieke impasses van vandaag (ook en zeker niet het jaren-dertig-frame) etc.

Positief uitgedrukt bestaat de uitdaging er o.a. in om een gezond universalisme te tonen als het gaat om rechten, waarden en normen – waarbij het respect voor de waardigheid van vrouwen en homo’s meer is dan een kwestie van cultuurbepaalde smaak of etiquette, waaraan de gast zich uit beleefdheid dient te conformeren, zoals dezer dagen nogal eens wordt gesuggereerd – en dit dan weer in het besef dat de ‘particuliere’ levensbeschouwelijke stromingen in de erkenning van die universele rechten convergeren en dat dus een krampachtig laïcisme niet aan de orde is, evenmin als een verlamd-machteloos zwijgzame non-reactie op misstanden bij religieuze of etnische groeperingen. Dat betekent doorbraakdenken. En veel meer.

Die laatste zin was te lang. Maar zo ingewikkeld is het allemaal ook, als je als argeloos PvdA-lid probeert dit lidmaatschap voor jezelf te verantwoorden – en als je je hoop op deze in haar kern gezonde en vitale stroming stelt.